25 juli 2007 Haines Junction – Tok

Vandaag hebben we een reisdag van een kleine 500 km. We staan om half 9 op, en José zet een lekker bakkie koffie. Heerlijk op ons gemak starten we de dag. Om 9 uur zeggen we Grűß Gott tegen de uitbater”Albert Schweitzer” en zijn we weg. Het is weer prachtig weer, maar wel fris met 52°F. We rijden dezelfde route als gisteren richting Sheep Mountain. Bij het Visitor Center is vandaag niets te doen. Bij de roadconstruction van 7,2 km hebben we geluk. We kunnen meteen achter de pilotcar aan sukkelen. De weg is erg slecht en dat blijft het hele stuk zo. We rijden in een ruk door naar Beaver Creek ( 146 miles ) en bestellen bij Buckshot Betty’s twee koffies. Dit mens is net zo sacherijnig als de lui aan de overkant bij Ida’s Motel. De koffie drinken onder het genot van een paar boterhammen op aan een picknicktafel op de parkeerplaats. De temperatuur is inmiddels gestegen naar 65°F.

ak124We zijn vlak bij de grens en als ik de Amerikaanse douane verteld heb wat mijn beroep is en dat we bier en sigaren aan boord hebben, mogen we doorrijden. Bij een aantal scenic views stoppen we. Dat moeten we ook bij een aantal roadconstructions. Delen van de weg zijn gravel en de auto ziet er niet meer uit. Bij Bushman Hardings kopen we een zakje Fireweed.

ak125Hoe dichter we bij Tok komen, hoe bewolkter het wordt. We rijden de bergen uit en het begint een beetje te regenen. Rond 3 uur rijden we Tok binnen. Een gat, gebouwd rondom de Alcan Highway. Allereerst gooien we de tank weer vol. Dan hebben we hier morgen geen omkijken meer naar. Dan gaan we naar de supermarkt ( Three Bears ) inslaan voor de lunch van de komende dagen. We kopen ook nog een prachtige kalender voor $7, met bijna allemaal foto’s van plaatsen waar we geweest zijn of nog komen.
Dan gaan we op zoek naar onze B&B: The Off The Road House. Het ligt een paar mijl buiten het centrum van Tok. Zo’n 5 mijl later slaan we linksaf een landweg in. We moeten nog 1,2 mijl hotsebotsen en door grote waterplassen rijden. José vindt dit wel leuk.

ak-050.JPG-for-webAls we bij OTRH aankomen, worden we hartelijk begroet door Helga. Ze is een Duitse ( links snor, rechts snor ), die hier al 30 jaar in de bossen woont. We krijgen een echte cabin in “the wood”. Primitief, maar geweldig. Helga maakt koffie voor ons en we gaan buiten voor onze cabin zitten. Ik drink een paar Labatt’s Blue en we lezen wat. Dit is genieten. Wat een rust.

ak-051.JPG-for-webRond half 7 gaan we richting Tok. We bezoeken een giftshop, die hele mooie en dure dingen heeft. Dan naar Fast Eddie’s Restaurant voor het diner. De lucht is intussen strak blauw en het is 72°F. We hebben het mooie weer meegenomen. Ik neem een Classic Burger en José een Hawaї Pizza. De Riesling uit California smaakt prima. Het eten trouwens ook.

Als we terug rijden, sjeest José als een echte rallyrijdster door een plas water. Het water splasht boven de auto uit. Voor de cabin roken en drinken we nog wat. Het ontbijt hebben we om half 9 besteld. Ook al is het laat, het is nog klaarlichte dag.

24 juli 2007 Haines Junction

De nachtrust van Phons was niet zo goed als die van mij. Ik lag blijkbaar nogal breed. Het zou best kunnen. Om half 9 ben ik uit bed, Phons om 9 uur. We drinken een heerlijke beker koffie, gezet met het apparaatje dat op de kamer staat. De eigenaar, een Zwitser, bracht ons gisterenavond een dienblad met koffieapparaat, bekers, koffie, melk, suiker en thee.


DSCF0477Om 10 uur zetten we koers naar Sheep Mountain. Dat blijkt achteraf 47 mijl van hier te zijn. Een hele rit dus. We waren net op tijd om voor $4,95 p.p. met Polly, een ranger, het prachtige Kluane N.P. in te gaan voor een wandeling. Met ons gaan 2 Franse Canadezen mee. Polly is een achterkleindochter van de oorspronkelijke bewoners en woont hier zelf ook. Ze behoort tot de familie van de Wolves. De andere groep die hier leeft heet de Crows. Polly hangt nog echt aan de oude tradities. Zo zegt ze altijd een Bear-prayer als ze het park binnenkomt. ak-046.JPG-for-webThe First Nation People hebben veel respect voor de beer. Op dit moment zijn er in een deel van het park erg veel beren en is er voor de veiligheid een stuk afgesloten. Het zijn voornamelijk grizzly’s.( shär sho, shär=beer en sho=grizzly ) De mensen hebben niet alleen respect voor beren, maar voor alles wat hier leeft en groeit. Tot het kleinste en lastigste insekt toe. Een spin, een mier, je trapt ze niet dood, maar zet ze buiten. Polly vertelt over de levenswijze, zorgen voor elkaar. Zeg geen nee tegen een ander, je kunt ze ooit zelf nodig hebben.

ak121.JPG-for-webOnder het wandelen zien we allerlei soorten poep:.van wolven, met botjes erin, schapen en Moose. We vinden ook schapenhaar. Jammer, dat deze prachtige witte Dahlsheep er nu niet zijn. Ze grazen in deze tijd van het jaar aan de andere kant van de bergen. Natuurlijk zijn er wel muggen. Het stikt er van. De flora is ook prachtig. Zo zie we o.a. roze Fireweed, de nationale plant van Canada, en Foxtail, gevaarlijk voor mens en dier. De pluimen blijven steken in de keel en verstikken je. Ook zijn er verschillende kruiden, zoals de sage die heerlijk ruikt.

ak122.JPG-for-webThe First Nation People trok hier rond, en we zagen een plek waar ze ooit verbleven. Van dode takken bouwden ze een soort tipi om een boom. Als het erg koud was, vulden ze de kieren met mos en gooiden er huiden over. Om te jagen, sneden ze van kariboe of mooseleer lange repen, waar ze een soort lasso van maakten. De grote lus werd bevestigd bv. tussen 2 bomen. Het dier liep met de kop in de lus en hebbes. Hoefjes gebruikten ze als rammelende verklikkers. Polly had foto’s en materialen bij zich om te laten zien. Op een berg hadden we pauze ( met een appel en Sultana ) en konden we genieten van een geweldig uitzicht. Het was zeer bijzonder. Na de fotoshoot vertelde Polly tot slot een verhaal. Het was een overlevering van haar grootmoeder. Ze vertelde over de oorspronkelijke bewoners, die leefden van wat het gebied hen te bieden had. De planten, dieren en de vis uit de rivier.
ak123.JPG-for-webNa de aanleg van de Higway in 1942 kwamen hier honderden soldaten, die het hele gebied leeg jaagden. Toen men zich dat realiseerde, verbood men iedereen om nog maar iets uit het Kluanepark te nemen. The First Nation mensen moesten alles afgeven, en hadden toen alleen nog maar de rivier. Dat begrepen ze niet. Ze hadden alleen nog maar vis. Uiteindelijk heeft de regering begrepen wat ze die mensen hadden afgepakt. Hier nog een anekdote over de aanleg van de Highway. De mannen waren aan het jagen en de vrouwen waren in het dorpje. Toen kwamen de bulldozers. Die hadden ze nog nooit gezien. Ze zagen die machines als grote dieren, die veel lawaai maakten en bomen aten.

ak-048.JPG-for-webToen zat de tijd er op en moesten we terug over de hobbelweg van 2,5 km naar het Visitor Center. Een tegenligger moest een heel stuk achteruit om ons voor te laten gaan. We hebben afscheid genomen van Polly en nog even in het Visitor Center rondgekeken. Toen zijn we weer naar Haines Junction gegaan.
Eerst zijn we naar de liquorstore gegaan voor Canadees bier. In ieder geval hebben we leuke brillen op. Nice frames. Toen naar de bieb om te internetten en daarna naar de store voor cola en een Mars. Omdat we morgen een lange trip voor de boeg hebben, hebben we ook al vast getankt.

ak-049Tijd voor de veranda van het motel. De eigenaar kwam even informeren hoe de bergen waren. Het gesprek ging in het Duits. Wat zijn we toch rijk dat we dat ook kunnen. Die Canadezen van vanmorgen spraken amper Engels. We hebben nog heerlijk buiten in het zonnetje gezeten en daarna gedoucht. Lekker mijn haren geföhnd. Direct gaan we ergens eten waar we met de creditkaart kunnen betalen. We hebben nog maar 5 Canadese dollars, de rest is aan tanken op gegaan. De pizzatent is niks, dus gaan we naar Glacier View. Ook daar runt een Chinees stel de tent. We bestellen ieder een glas witte wijn, Phons een burger de luxe en ik een huskyburger. Het eten is prima, de wijn wat minder. Voor $26 zijn we de man. Onderweg terug nog 2 foto’s van het kerkje gemaakt en van een verkeersbord over verplicht licht voeren. Het klinkt gek, maar pas na ruim een kilometer lopen over de snelweg komen we de eerste auto tegen. Zoiets bedenk je toch niet. Nu nog even uitbuiken op de veranda en dan naar bed.

23 juli 2007 Haines – Haines Junction

Het is half 9 als José buiten op de boomstronk gaat zitten. Rookt ze een peuk of zit ze vogels te spotten? Ze antwoordt: schrijven. Ik drijf nog een kwartier uit en ga dan de tassen naar de auto sjouwen. We leveren de sleutels van de kut kamer in en rijden naar Chilkat Restaurant and Bakery. Voor allebei een koffie en voor de liefhebster een muffin. Smaakt prima. Het is flink bewolkt en van de bergtoppen is niets te zien.
ak120.JPG-for-webRond 10 uur nemen we de Alaska Highway 7, ook bekend als de Haines Highway, richting Haines Junction. Een afstand van 146 mijl ( 247 km )  We stoppen bij de mooiste plekjes volgens de Milepost en rijden het Alaska Chilkat Bald Eagle Preserve  in. Het natuurschoon is mooi, maar we zien geen eagles. Waarschijnlijk is het te bewolkt. Na 21,5 mijl slaan we rechtsaf om Klukwan te bezoeken. Het is een Indiaans dorpje met 109 inwoners. Het is een grote gribus en we hebben het snel gezien. Het weer klaart op en de Haines Highway is fantastisch mooi. We  rijden British Columbia in en de grensformaliteiten gaan soepel. We zien een paar eekhoorns, maar daar blijft het ook bij. We rijden de Chilkat-pas over. Deze ligt op 1000 meter hoogte. Het is 52°F en waait hard.
ak-043.JPG-for-webWe passeren veel Creeks en plotseling staat er in de verte een auto langs de kant van de weg. José maakt een grapje: Staat zeker naar een beer te kijken. We minderen vaart en zien warempel een zwarte beer, vlak langs de weg. Een fantastisch gezicht, zo’n gevaarlijk beest zo dichtbij. We maken prachtige foto’s.
Dan bezoeken we Klukshu, een oud Indiaans dorpje. Het souvenirwinkeltje is dicht, maar opoe Witte Veder komt haar handeltje showen. Voor ons is er niks bij.
Bij een meer eten we een paar boterhammen en rijden dan naar Haines Junction. Op het kruispunt slaan we linksaf, de Alaskan Highway op en na 1 km zien we het Stardust Motel liggen. De receptie is gesloten, maar na een paar minuten arriveert de beheerder.
ak-044We krijgen Lodge 5, een ruimte met een king-size bed, een zithoek en een badkamer met bad, douche en toilet. We hebben ook een veranda met een bankje. Wat een verschil met de vorige shittent. In de kamer ligt een informatiemap over Haines Junction. Die nemen we in het zonnetje door. De lucht is strak blauw en het is 28 graden.
Dan gaan we Haines Junction verkennen en wandelen ruim 1 km langs de snelweg naar het Visitor Center. Hier vraag ik informatie over wandelingen in Kluane N.P. we krijgen een mooie kaart en nemen nog wat folders mee. We zoeken tevergeefs naar een internetcafé. In een supermarkt is wel een computer, maar dat ding is out of order. We wandelen terug naar het Stardust Motel. We nemen de folders door en drinken wat op het bankje. Dan ga ik douchen.

ak-045Etenstijd. We lopen naar het Kluane Park Inn Restaurant. Het blijkt een Westers-Chinees restaurant te zijn. José gaat voor de Chinees en bestelt beef met tomaten. Ik neem voor de afwisseling een hamburger met friet. Uiteraard bestellen we ook een fles Chardonnay, het eten smaakt goed, maart de bediening is van fluitjeshout.

Voor de spijsvertering wandelen we nog wat door het dorp. Het zijn niet meer dan 2 wegen die elkaar kruisen. Ondertussen zoeken we een restaurantje voor morgen. De eettentjes zijn op een hand te tellen. Dan terug naar het motel, waar ik op de veranda nog een pilsje drink.

22 juli 2007 Haines

We hebben uitgeslapen en voor vandaag een rustige dag gepland. Dat komt goed uit, want ik heb barstende hoofdpijn. Dat komt vast van de lucht hier in het hotel. Vannacht al 2 mollen op en om 9 uur nog eens 2. als we opstaan is het prachtig weer, dus snel wegwezen hier. Eenmaal buiten zakt de hoofdpijn vlug. Het komt dus vast en zeker van de muffe, vochtige stanklucht van het hotel.

ak-041De temperatuur is heerlijk. Nog een beetje fris. We wandelen naar Chilkat restaurant voor een ontbijt. Helaas op zondag gesloten. Dan maar naar Bamboo. Daar krijgen we voor $9,95 p.p. een joekel van een ontbijt, met spek, kaas, toast en gebakken aardappelen. Het is met koffie erbij een goed begin van de dag. Bij het VVV halen we een krantje van Haines. Daarin staat een wandeling van een klein uur. Precies iets voor ons. We beginnen in Mainstreet en komen eerst bij het Sheldon museum, dat gesloten is. Ook het hamermuseum slaan we over. We timmeren zelf wel aan de weg. We slingeren door de straatjes en zien het kleinste huis, de school, het park en het kerkhofje. Dan zijn we aan het water. Per ongeluk slaan we verkeerd af. Een groot geluk achteraf. We zien een man met een verrekijker naar het havenhoofd turen. Daar zit dus een Bald Eagle. Hij is heel ver weg, maar we zien de witte kop afsteken tegen de donkere achtergrond. Dan gaan we de goede kant op en zien dezelfde man met een groepje mensen naar een boom kijken. Jeetje, zit daar een joekel van een Golden Eagle. We mogen even de verrekijker lenen. Wat een prachtbeest. Phons probeert de vogel op de foto te krijgen, maar dat lukt helaas niet. De camera lijkt kuren te krijgen. Jammer. Dan maar verder.

ak-042.JPG-for-web.jpg-for-web-LARGEOp het piertje van de Lighthouse zien we de Bold Eagle niet. Hij zit aan de achterkant. Maar omdat het geluk met ons schijnt te zijn, komt het prachtbeest laag langs vliegen. Hij/zij was verjaagd door een vissersboot. We zien de vogel in de verte neerstrijken op een wortelstok op het strandje. Wij er op af natuurlijk. Via een RVpark, door de zooi klauteren naar beneden. Over de keien en het zeewier komen we steeds dichterbij. Intussen heeft Phons gemerkt wat er mis is met de camera. Een knopje verschoven. Hij maakt prachtige foto’s. tot de Bald Eagle opvliegt en een eind verderop gaat zitten. Voor ons tijd om terug te gaan. In de Pioneersbar, achter het Lighthouse, drinken we een Heineken en een witte wijn. We zweten als postpaarden. Blij bekijken we de mooie foto’s. na de drankjes gaan we toch nog even terug naar de boom met de Golden Eagle. Stel je voor dat hij daar nog zou zitten. Tot onze grote verbazing is dat zo. Toch nog een goede foto.

ak119Dan slenteren we terug naar het stadje, sjokken er nog wat rond en gaan rond 4 uur naar het shit hotel. We pakken bier en cola uit de auto en gaan als echte low-budgetters op de boomstronk voor het hotel zitten. Eigenlijk willen we lezen, maar de luchtshow van de Eagles is mooier. Door het zonnige weer komen ze naar het water. Met de verrekijkers genieten we met volle teugen. Als het frisser wordt gaan we douchen.

DSCF0358’s Avonds eten we weer bij de Lighthouse. Saai misschien, hetzelfde als gisteren, maar de zalm verveelt nog niet. Na het eten drinken we nog wat bij de Bamboobar. Daar begint om 9 uur een Californische muts met haar optreden. Allemaal treurige liedjes over de liefde. De wijn is niet te zuipen, Heineken wel. Om half 11 verlaten we de bar. Buiten is het gewoon koud en er staat een straffe wind. Gelukkig hebben we de spijkerjasjes meegenomen. Nog een nachtje in dit miserabele stinkhol. Morgen naar Haines Junction en slapen we in een motel.

21 juli 2007 Whitehorse – Haines

We zijn vroeg op, kwart voor 7. We moeten om 10.30 uur Yukontijdin Skagway zijn. De afstand is 176 km en we moeten door de Amerikaanse douane. Je weet nooit hoe lang dit zal duren. We sjouwen de tassen naar boven en naar de auto. De sleutel ruilen we voor $5 borg om en om 10 over 7 rijden we de Jeckell uit. We rijden naar de Alakan Highway. Het is fris en zwaar bewolkt. Na zo’n 16 km nemen we Highway 2, ook wel bekend als de Klondike Highway. Al snel vallen de eerste druppels en zien we besneeuwde bergtoppen. Helaas liggen ze voor het merendeel in de wolken. Het is een prachtige route met veel meren, maar het weer werkt niet mee. We passeren Carcross, een gat met 446 inwoners, 71 km ten zuiden van Whitehorse. Het gaat nog harder regenen. Even later rijden we British Columbia in. Jammer genoeg staat er geen mooi bord. Toch een foto. Het landschap wordt steeds mooier en we beginnen te stijgen.

ak117We rijden over de Whitepass en zitten helemaal in de wolken. Het hoogste punt is 1000 meter en we hebben maar 25 meter zicht. Met 25 km per uur rijden we de pas over. Het bord welkom in Alaska staat in de mist. Buiten is het 8 graden. We dalen dan snel en 20 km later stoppen we bij de Amerikaanse douane. De paspoorten worden gescand, en als we verteld hebben waar we vandaan komen en waar we naartoe gaan mogen we doorrijden. De klok hebben we al een uur teruggezet en we zijn een paar kilometer van Skagway af. Hier aangekomen rijden we naar de Ferry Terminal. We zijn 1 uur voor vertrek aanwezig. De check-in time is 2 uur voor vertrek. We horen bij de laatste 2 auto’s die inchecken en moeten meteen naar Lane 1. dat is op het nippertje. Er is geen tijd meer voor een kop koffie of om Skagway te bekijken. Volgens de reisbeschrijving van Askja zouden we ’s middags de ferry nemen. Dat is eigenlijk veel beter, want je kunt alles veel rustiger aan doen.

ak118Anyway, de koffie nemen we op de boot. Een echte slappe Amerikaanse bak voor $2,50. als de koffie op is begint de tocht door de Talya Inlet, het meest noordelijke fjord van Noord-Amerika. We nemen boven op het buitendek plaats, onder een afdak met straallampen. Door de laaghangende bewolking zien we weinig van het landschap. Het regent nog steeds en deze excursie valt letterlijk in het water. We zien een paar watervallen en na een uur komen we in Haines aan. Het duurt ongeveer een kwartier voor de Ford in beweging gezet mag worden. Het is 4,5 km van de Ferry Terminal naar downtown Haines. Omdat we op de reservetank rijden, stoppen we bij het eerste benzinestation dat we zien. Het is een 24 uur Self Service, waar je met je creditkaart kunt tanken. Het duurt even voordat we het systeem door hebben, maar dan spuit de peut in de tank. We betalen hier $3,85 per gallon. Dat is fors meer dan de $3,20 die we gewend zijn. Voortaan toch maar bij een grote supermarkt tanken.
ak-038TomTom krijgt geen nauwkeurig satelietsignaal, dus we vragen de weg naar Fort Sewardstreet. Hier zijn we vlak bij, dus even later checken we in bij Hotel Hålsingfland. Volgens de Lonely Planet en de advertentie in de Milepost veel belovend, maar het net zo slecht als het weer. Bij de receptie werkt de computer niet en alles is hier aftands. We krijgen kamer 29, een klein kotje met een tweepersoons bed, een stoel, een wastafel en een barst in het raam. De waterleiding loopt door de kamer en hangt aan het plafond. Door het hele gebouw hangt een typische, onaangename geur. Wel hebben we in de verte uitzicht op het Lynn Canal.

ak-040In de regen verkennen we Haines. Het plaatsje is uitgestorven en de enige mensen die we op straat zien, zijn lotgenoten, die we ook op de boot zagen. Als we langs het water lopen zien we 2 bald eagles zweven. Wat een prachtige beesten, hebben we toch een beetje geluk.
Bij Fogcutter drinken we een Heineken en een witte wijn. Daarna wandelen we naar het Visitor Center en nemen een paar folders mee. Dan naar de American Bald Eagle Foundation ( $6 ). Dit is een klein museum met mineralen en opgezette beesten, die in Alaska voorkomen. Er is net een video gestart, maar omdat we niet in slaap willen vallen gaan we het museum bekijken.

ak-039Het regent nog steeds en we lopen terug naar het hotel. Van 3 tot 4 doen we een middagdutje om de batterij op te laden. Als we wakker worden valt de regen nog gestaag. In de lobbybar van het hotel schrijven en lezen we wat. José neemt een glas water en ik een Corona. Het is nu half 7 geweest. Het is inmiddels droog en we gaan een restaurant opzoeken. We strijken neer bij het Lighthouse-restaurant en krijgen een tafel met uitzicht op de haven en de bergen. We bestellen een fles Jacob’s Creek Chardonnay, voor José een overheerlijke zalm en voor mezelf weer een cheeseburger met friet. We genieten van een zalige maaltijd en een leuke sfeer.

We wandelen nog wat door Haines. Het is opgeklaard en we maken foto’s van de mooie bergen. Dan naar het hotel, waar ik nog een Budweiser drink.

20 juli 2007 Whitehorse

Het is 11 uur en we hebben er al 3½ uur opzitten. Vannacht heeft het volop geregend en nu is het nog frisjes. Om half 9 moesten we bij de garage zijn vanwege de olie. Daar ging het vlot. We moesten ongeveer 45 minuten wachten. Die tijd hebben we opgevuld met koffie ( echte ) drinken bij McDonalds en een korte wandeling langs de rivier. Na het afrekenen van $49,22, dat we terugeisen van Hertz, zijn we naar de Wall Mart gegaan. Brood, kaas en jam staan op het lijstje. Als dat gevonden is, gaan we naar de afdeling herenkleding. Phons is helemaal gelukkig met zijn zwarte jeans van $17,48. geen geld voor een spijkerbroek, die omgerekend een euro of 13 is.

ak-036Nu zitten we bij het guesthouse even buiten en gaan straks te voet het stadje in.
In de stad houden we het 2 uur vol. We scoren in ieder geval, na een half jaar zoeken in eigen land, Columbia teenslippers. Eindelijk en nog in de uitverkoop ook. Dan bezoeken we Cityhall, waar we een gratis driedaagse parkeerkaart en een pin krijgen. Natuurlijk staat er een wit paardje op met daaronder Yukon. Daar ging het ons om.
Toen werd het koffietijd. Een heerlijk bakkie met een blueberrie muffin. Erg lekker. Het is ons opgevallen, dat er hier nogal wat vreemde snuiters rondlopen. Ze zoeken in vuilnisbakken en kijken raar uit de ogen. Nou hebben we in een winkeltje een T-shirt gezien met de Alcan Highway erop, maar alleen te klein. We gaan winkel in, winkel uit en als we bijna de moed hebben opgegeven, vinden we er een in het laatste winkeltje waar we zouden kijken. Beige met zwarte opdruk. ak-037Het past perfect bij de nieuwe zwarte spijkerbroek en de schoenen. Nog een gelukkig iemand. Zijn we het allebei. (zijn we toch wel hoor) Langs de rivier gaan we terug naar het guesthouse, waar Phons een paar boterhammen eet. Om de dag te breken rijden we naar Miles Canyon. Daar is het niet alleen warm, maar ook bijzonder mooi. Stap je daar uit de auto, is het meteen muggenbingo. Weer te laat met smeren. De Canyon is prachtig, het blauwgroene water stroomt flink. Langs de Canyon loopt een mooi wandelpad. Dit is een erg fotogenieke plek. Over de rivier vaart een boot met bejaarden. De countrymuziek schalt over het water. Ze verkrachten gewoon de stilte in deze mooie natuur.
ak116.JPG-for-webOm het plaatje compleet te maken, komt er ook nog een speedboot langs gescheurd. Na een uurtje hebben we het wel gezien en gaan terug naar “huis”. Daar is het eerst tijd voor een warme, verfrissende douche. Intussen is het weer flink gaan regenen. Het komt er mals uit en het lijkt er niet op dat het snel zal ophouden. Hebben we de regenjacks in ieder geval niet voor niets meegenomen. Het dondert en het bliksemt en het regent dat het giet.

ak114Als we later richting centrum gaan om te eten is het bijna droog en kunnen het met een plu af. Eerst gaan we bij de bijna overburen kijken, maar dat ziet er niet uit. We zijn er snel weg en gaan naar de Edge, waar we gisteren ook waren. Daar bestellen we een fles witte wijn en een cheeseburger. We krijgen een grote portie, die heerlijk smaakt. Dit is toch een goede keuze. Het is pas half 9 als we terug gaan naar Hyde on Jeckell. Het buitengebied is ingenomen door Austria. Dan maar binnen. Ons Japaneesje zit buiten zijn rugzak in en uit te pakken als een koekwaus. Keer op keer. En dat moet 9 dagen met een kano op stap. Hij snapt er de ballen van. We hangen nog wat rond en gaan op tijd naar bed. Morgen op tijd uit de veren om bij Skagway de boot te halen.

19 juli 2007 Beaver Creek – Whitehorse

Na een hoop lawaai op de galerij zijn we in een diepe slaap gevallen. Rond een uur of 7 was er weer een boel herrie, maar we pitten lekker verder. Pas om kwart over 8 kom ik als eerste uit bed en ligt Phons nog te sudderen. Om 10 over 9, na getankt te hebben bij Ida’s gaan we op weg naar het Witte Paard. De weg is slecht. Gaten, bobbels en gravelstukken wisselen elkaar af. Dit is niet fijn rijden, maar ze noemen het wel een Highway. Dit duurt wel 100 kilometer. Gelukkig is het landschap geweldig. Bossen, kreekjes en bergen met of zonder sneeuw vormen het prachtige decor.
ak-034Op een gegeven moment moeten we even wachten op een pilot car, om ons voor te gaan op een stuk van 7,7 km. We hebben geluk en kunnen snel volgen. Voor ons rijden een auto en een motor, achter ons een grote vrachtwagen. Halverwege moeten we zo’n 5 minuten wachten, omdat ze de weg vrij moeten maken. ( Ze repareren de weg en rotsstukken worden opgeblazen en opgeruimd ) de sproeiwagen, tegen het stof, heeft wel voor veel drek op de weg gezorgd. De auto ziet er niet uit. Niet onze zorg. Aan het einde van het begeleide stuk staat heel wat tegemoetkomend verkeer te wachten. De vrachtwagen achter ons is plotseling verdwenen. Het gekke os, dat er na ons totaal geen  verkeer meer komt. Nou was het aan het einde wel erg smal en we vermoeden allebei, dat hij daar niet goed is uit gekomen. Als we later een takelwagen tegenkomen, wordt ons vermoeden versterkt. Er komt nog steeds niks na ons. Waarschijnlijk hebben we heel veel geluk gehad. Nog een geluk is, is dat we nu over een goed wegdek rijden.
ak-033Het lichtje van de olie brandt. Nou zijn de benzinestations hier niet dicht bezaaid. Als we er een zien en er stoppen, verwijzen ze ons steevast door naar Whitehorse. In ieder geval hebben we een lekkere beker koffie op. Phons rijdt de laatste 150 km. Het schiet lekker op. Zo’n 20 km voor Whitehorse verschijnen de eerste reclameborden langs de weg. In Whitehorse zelf laat TomTom ons in de steek en rijden we rondjes. Bij een garage heb ik de weg gevraagd en toen was het snel gepiept.  We komen bij een beige houten huis, met paarse en gele kozijnen. We worden er hartelijk ontvangen door een Oostenrijkste jongen.
We worden ingeschreven en krijgen de sleutel van de Europa kamer. In de keuken hebben we onze eigen mandjes om spullen in op te bergen. Dat geldt ook voor de koelkast. Prima systeem.  Voor de tassen naar binnen gaan, zoeken we eerst de garage van Canadian Tires. Daar maken we een afspraak voor morgenvroeg om half 9. dan naar een bank, want we hebben nog geen Canadese dollars. Als alles is afgewerkt gaan we naar Hyde on Jeckell en brengen onze spullen naar de kamer beneden. Dan is het echt tijd voor een cola en een pint.

ak112
Achter het huis is een terrasje, waar we temidden van een nest Oostenrijkers in de bloedhete zon onze cola en bier gaan drinken. We zitten er tot  een uur of half 2 en gaan dan op ons gemak het stadje in. Het ziet er gezellig en vriendelijk uit. Het plaatselijke VVVkantoor is snel gevonden Van een aardige mevrouw krijgen we info over eten, wandelen en things to do. Ons eetdoel is Klondikes Salmon and Rib. Daar is het echter zo druk, dat er buiten een hele rij mensen staat te wachten. Hierin hebben we geen zin en gaan op zoek naar de Edge. We zoeken daar een gezellig tafeltje en bestellen een flesje Chardonnay, voor Phons een New Yorksteak met peper en voor mij in de oven gegaarde zalm. Daarbij kregen we frietjes en groente. Het was zalig. Bij het afrekenen had de serveerster last van dyscalculie. I.p.v. 21 had ze 12 ingetikt voor de wijn. Een meevallertje dus.
ak113Na het eten hebben we even geslenterd door Mainstreet en daarna langs het water. Daar lag het museumschip van S.S.Klondike, de raderboot. Misschien iets voor morgen. Er is hier genoeg te doen en/of te zien. Terug in de hostel gaat Phons internetten en ik schrijven. Het weer in Nederland valt mee, 22 graden. Het soort kampeerbed is opgemaakt, dus we kunnen plat als we willen.
Maar we gaan naar buiten, naar de muggen onder het afdak. Het regent een beetje. Het is nog schemerig en 24 graden. Het wordt gezellig kletsen met een Zwitser, een Canadese en een Jap die amper Engels spreekt.

Om half 12 is het echt bedtijd.

18 juli 2007 Fairbanks – Beaver Creek

We worden om 8 uur aan de ontbijttafel verwacht. De wekker rammelt om half 8 en dit is de eerste ochtend dat ik moeite heb met wakker worden. Verna heeft weer een heerlijk ontbijt gemaakt. We beginnen met een fruitcocktail van banaan, mandarijn, ananas en gedroogde cranberries. Daarna pancakes met blueberries en gebakken spek. Alles smaakt prima. Nancy schuift ook aan, en vertelt over haar avontuur boven de Artic Circle. Ze heeft Musk Oxen, caribous en hele mooie planten gezien. Nancy maakt zich zorgen over het broeikaseffect. Wat gebeurt er met de planten en dieren als de permafrost gaat dooien?
ak-031We kletsen er vrolijk op los. Maar dan wordt het echt tijd om te vertrekken. Nog snel even mailen en beurzen. Voor Allen hebben we nog een rolletje Wilhelmina pepermunt. Dat waardeert hij. Dan nemen we afscheid van Verna, Allen en Zachery. Om half 10 vertrekt de Ford Explorer over de 1e Avenue richting North Pole. Dit plaatsje, 23 mijl van Faibanks, is de woonplaats van de Kerstman. Na wat zoeken vinden we Santa House. José raakt aan de praat met een negerin, die in Nederland heeft gewoond. Haar man wil wel een Topdrop proberen, maar dat bevalt niet goed. In een tuin naast het grote huis loopt Rudolf, het rendier.
Binnen is het Kerstfeest. Zelfs de Kerstman en mevrouw Claus waren in levende lijve aanwezig. Met de Clausjes gaan we op de foto. In de winkel kopen we 50 kerstkaarten, een kerstmannetje en een vlag van Alaska. Na een uur in kerstsfeer te zijn geweest, rijden we de Richardson Highway op richting Delta Junction. Het is mooi weer en het landschap is prachtig. Vlak voor de Junction zien we de Alaskan Pipeline. Natuurlijk stoppen we hier om foto’s te maken.
ak110.JPG-for-webBij een souvenirshopje koopt José voor $2 een ijsworm van beverbont. Een halve mijl verder drinken we bij Rika’s Roadhouse in het zonnetje een flinke beker koffie. Bij Delta Junction begint de Alcan ( Alaska-Canada ) Highway. Deze weg is na de aanval op Pearl Harbor i9n WO II aangelegd om Alaska via land te verbinden met de “Lower 48”. Op deze Alcan Highway ( nr.2 ) zien we langs de weg een “mama”Moose.  We rijden door naar Tok en picknicken langs de weg. Af en toe stoppen we bij een Scenic View. Hoe dichter we bij de Canadese grens komen, hoe slechter de weg wordt.
ak-032We gaan over gravel en moeten soms achter een “pilot-car”aanrijden. Dit gaat in een tempo ven 5 mijl per uur. Rond 5 uur zijn we bij de grens tussen Alaska en Yukon. We maken foto’s bij de borden en passeren de Amerikaanse grens zonder controle. De weg is nu erg slecht, vol gaten en hobbels. Zo’n 20 mijl verderop moeten we 10 minuten wachten voor de Canadese douane. We zijn al in Beaver Creek, en de procedure is eenvoudig. Een paar vragen beantwoorden en we mogen door. Rond 6 uur, maar hier in Canada is het een uur later, komen we bij Ida’s Motel aan. Aan de receptie zit een luie neger met een spraakgebrek. We krijgen de sleutel van kamer 201, een loei van een kamer met 2 tweepersoons bedden. José reorganiseert de tassen, terwijl ik een douche neem. We hebben 319 mijl = 500 km gereden en we zijn best moe.
ak111We gaan op zoek naar een restaurant. Omdat Buchshot Betty’s gesloten is, lopen we naar de Westmark Inn. José bestelt spaghetti en witte wijn en ik een Westmark Burger en een Labatt Blue. Dit is jeugdsentiment, want dit merk bier heb ik op mijn Canada-Amerikareis van 1983 heel wat gedronken. En het smaakt nog steeds perfect.  Na het eten “stoepen”we nog wat op de galerij voor onze kamer, maar er veel ongedierte. Dus gaan we maar naar binnen om het dagboek bij te werken en de reis voor morgen voor te bereiden. José ligt al plat en ik zal snel volgen. Het is nu 23.00 uur, de lucht is blauw en de zon schijnt nog volop. Wat een leven!