29 juli Chitwan National Park (15e reisdag)

Brrr, tuut tuut tuut ! Het is kwart voor 6 ! Ja, het is vakantie en de wekker gaat alweer. Om half 7 staat een jungle-wandeling op het programma. Eerst wandelen we een stukje langs de oever. Het is helder en al bloedheet. In de verte zien we de besneeuwde toppen van de Annapurna. Een geweldig gezicht. Met een roeibootje worden we naar de overkant van de ondiepe rivie gebracht.


We wachten op de rest, terwijl we ons in de lange broek en lange mouwen al een ongeluk zweten. Dan gaan we in twee kleine groepen met gidsen op pad. Een gids voorop en de tweede als hekkensluiter. Dat moet, omdat we zomaar een neushoorn zouden kunnen tegenkomen, of een beer. Over het vlakke terrein gingen we door de struiken. We zagen pootafdrukken van olifanten, rhino’s en herten en vraatsporen van varkens.

Een paar keer zagen we wat apen, en geloof het of niet, er liepen ook kippen rond. Daar hield het wel mee op. Niks bijzonders dus. Tegen half 10 hielden we het voor gezien en gingen terug naar de oever. De bootsman aan de overkant werd ingeseind. Terwijl we stonden te wachten zagen we nog een grote schildpad aan de waterkant zitten. Toen we bijna aan de overkant waren, liet zich nog even een krokodil zien. Hier moet je dus niet zwemmen. Op weg naar de Lodge zat een jongetje te vissen. Net op het moment dat ik wilde vragen wat je hier nou zoal kunt vangen, zwiept hij er een palinkje uit.

Compleet oververhit ploffen we in het restaurant neer. Als we dit vooraf hadden geweten, dan waren we zeker en vast niet meegegaan. Er was geen bal aan en dan ook vroeg ervoor opgestaan. Helaas. We laten ons de grote pot thee en de eieren met toast goed smaken. Dit hadden we wel verdiend. Langzaam bekomen we. De andere groep komt een uur later terug. Zij zijn ook bijna aan het kookpunt.


We blijven nog een poosje hangen, want op de kamer is het ook niet om te pruimen. Wat later gaan we er toch maar heen en nemen het er dan even van. Wonderwel vallen we in slaap. Badend in het zweet word ik een uurtje later wakker. Phons  maak ik om kwart voor 2 wakker. We gaan eerst weer wat drinken.
Het helpt gewoon niet je vochtgehalte op peil te houden. Een lekker tomatensoepje smaakt ook. Wat later barst er een enorme regenbui los. Het spoelt en het niet bekwaam naar buiten te gaan. Als de bui voorbij is, is het een beetje afgekoeld. Phons wil c.d.’s. hij scoort er 10 en ik een batikkleedje. Om half 5 vertrekken we met 2 jeeps naar het olifanten breeding-centre. Een leuke rit door dorpjes en veel modder. Met een bootje worden we overgezet. De vele waterbuffels kunnen het zelf en steken in een lange rij de rivier over. In het centrum staan heel wat Jumbo’s met jonkies.

Een hele kleine nieuwsgierige babyolifant schiet onder het hek door en komt naar ons. Het is een lief, brutaal scheetje. Hij laat zich volop knuffelen. In een weitje staat nog een kleine. Die wil eerst niet komen, maar rent dan plotseling naar ons toe. Eerst plast en poept ze netjes in de goot, om daarna haar slurf aan het witte shirt van Phons af te poetsen.

Verderop staat een moeder met haar 15 dagen oude kalf. Zo lief, die wil je best meenemen. Maar ja, kleine olifantjes worden groot en de tuin niet. Na een uurtje gaan we weer terug naar de Lodge. Eerst met het bootje, dan met de jeep. Dit was echt hartstikke leuk. We mogen weer naar onze privé sauna om te douchen. Het is in onze kamer minstens 35 graden.



Om half 8 gaan we eten bij K.C.’s. Irma, Kees, Jeroen en Daniëlle schuiven ook aan. Phons bestelt een pizza en in een vegetarian sweet and sour. Ze hebben er voor de liefhebbers zelfs een frietje oorlog. We zitten heerlijk rustig op het dakterras. Het is eindelijk een beetje normaal qua temperatuur. De baas van K.C.’s is één van de dansers van gisteren. Rond 10 uur rekenen we af ( 715 NPR ) en slenteren terug naar Rhino Lodge. Overal klinkt : NAMASTé. De mensen zijn hier zo vriendelijk en absoluut niet opdringerig. Koop je niks, even goede vrienden. Kwart over 10 gaat het licht uit. We kunnen uitslapen !!! NAMASTé !!!

30 juli Chitwan National Park (16e reisdag)

We hoeven eindelijk eens een keer niet vroeg op. We hebben gekozen voor een excursie met de ossenkar. Die vertrekt pas om 10 uur, dus we kunnen het lekker rustig aan doen. We beginnen de dag met een heerlijk ontbijt. ( omelet met toast en thee ) Dan gaan we naar de ossenkarren die al klaar staan. met z’n elven gaan we met twee karren een tocht door het achterland maken. Het prachtige landschap glijdt langzaam aan ons voorbij.

De mensen werken op de rijstvelden. We stoppen bij een Tharu dorpje. Hier kunnen we een stukje wandelen. De kinderen van deze stam stormen op ons af. De digitale camera’s, waarop ze zichzelf kunnen bewonderen, vinden ze helemaal geweldig. Iedereen wil op de foto. En eenmaal een foto gemaakt, is het dringen om te kijken. Het is zo heerlijk, al die glunderende snoetjes te zien. Aan het eind van het dorpje stappen we weer in de kar. Het is natuurlijk weer bloedheet en het zweet gutst ui de poriën. Hobbelend door het groene land gaan we helaas weer terug naar de Rhino Lodge.  

Iedereen begroet ons weer met: Namasté. We blijven erbij; wat zijn de mensen hier vriendelijk. Iets voor twaalven zijn we terug en dan gaat er een koud Everest-biertje wel in. José neemt cola en spaghetti. De excursie was prachtig. We hebben genoten. De mensen die voor de 20.000 merentocht hadden gekozen, waren teleurgesteld. Jammer voor hen. Na de lunch lopen we door het dorpje. Ik koop nog 3 c.d.’s en 3 t-shirts met rhino’s erop. José koopt een armbandje en een sleutelhanger.

Bij de Lodge drinken we nog een pilsje en om half 5 vertrekken we voor de tweede excursie: bovenop een olifant door het forest op zoek naar rhino’s. We zitten samen met Vincent en Jantien op de mastodont. Omdat Jantien claustrofobische neigingen krijgt, kruipt ze op een andere olifant. Het is bloedheet, 41 graden, en omdat er vandaag geen moessonbui is neergeplensd, is het ook niet afgekoeld.

We schommelen naar het forest. Als onze mahoud de entree voor iedereen gaat betalen, krijgt onze Jumbo een niesbui. Jeetje, er komt een hele emmer snot tegelijk uit. José zag niks meer door haar bril en de snot liep langs haar benen naar beneden. Smakelijk. We sjokken op de olifanten door smalle paadjes en moeten erg goed op de takken letten. In het bos zien we een rhino. Ik krijg hem of haar niet goed op de foto.

Jopie wel. Als we bij een rivier aankomen kunnen de olifanten hun dorst lessen. Ze flodderen heerlijk in het water. Dan gaat de speurtocht verder. De olifant die voor ons loopt laat me toch een boer. Het leek wel een donderslag, en stinken dat ie deed. De zoektocht leverde niet veel op, alleen een paar herten. Maar de tocht is prachtig en voor de tweede keer steken we de rivier over. Na 3½ uur schommelen ben ik toch blij, dat ik me uit het bakje kan hijsen. We nemen afscheid van de olifanten en lopen terug naar de Lodge, waar we samen in het prieeltje  met een Everest onze dorst lessen.

We gaan niet mee naar het weeshuis. Dat bezoek volgt meteen op de olifantentocht, en we willen even rust. We genieten relaxed van de mooie omgeving. Het is nog steeds bloedheet en om af te koelen nemen we een koude douche. Dat frist op, voor twee minuten dan, want de stroom valt uit en nou geeft die zielige helikopter helemaal geen koelte meer. Daarom lopen we maar naar de dorpsstraat op zoek naar een restaurantje. Dan valt de stroom overal uit en hebben we alleen maar sterrenlicht. De sterrenhemel is overigens prachtig. We zoeken en vinden een tentje met kaarslicht. We strijken neer op het dakterras van Jungle-view en bestellen sweet and sour vegetable en chow mein. Het dinner by candlelight smaakt prima, maar door de hitte heb je toch niet zo’n eetlust. Op een of andere manier heeft men de stroom weer op gang weten te krijgen, en onder het genot van een fan eten we verder, terwijl we blijven zweten. Och, het is niet anders. Tot slot van de dag drinken we bij de Lodge nog een pintje en dan is het om 11 uur bedtijd.

 

Phons en Joseé © 2008 • Privacy Policy • Terms of Use

www.phonsenjose.nl